Geschiedenis van bijen

De geschiedenis van bijen gaat ver terug in de tijd. Uit archeologische vondsten blijkt dat bijen al minstens tussen de 40 en 50 miljoen jaar op aarde leven. Dat de bijen al zeer vroeg een belangrijke rol voor de mens speelde, blijkt uit de grottekeningen die men in de ‘Cuevas de Arana’, in de buurt van Valencia, Spanje, en in Lascaux, Frankrijk, gevonden heeft. De tekeningen zijn ongeveer 10.000 jaar geleden opgetekend.

In deze tijd roofde de mens nog levende bijenvolken leeg om honing te verkrijgen, een praktijk die nog steeds in sommige delen van de wereld gebeurt en ook wel honey hunting genoemd wordt. Toen de mens begon met akkerbouw en veeteelt, is men ook begonnen bijen doelmatig in te zetten. Dit begin ligt vermoedelijk in het land tussen de Eufraat en de Tigris, waar het Sumerische volk een hoogontwikkelde cultuur had. In deze tijd, ca. 2000 v.C. is ook de eerste heilkundige toepassing van honing  gedocumenteerd. Toen werd honing al voor wondbehandeling gebruikt.

Afhankelijk van de plaatselijke omstandigheden werden bijen in verschillende woningen ondergebracht. In gaten in leemwanden, tonnen, holle boomstammen, strokorven, ‘ klotzbeute’ en uiteindelijk in houten kasten. Het temmen van bijen, zoals mensen met andere dieren gelukt is, is maar beperkt mogelijk. De mens heeft van alles geprobeerd om de zwermdrang onder controle te brengen: klappen, op de kast slaan, bezweringsformules, liederen en speciale verrichtingen, maar tot nog toe zonder succes.

(2018)
MENU